Annen-Info.nl

Dorpsgids

Maak in het linker menu uw keuze.

Luchtfoto

Als dorp ontstond Annen vermoedelijk tussen de 6e en de 9e eeuw, maar al heel lang voor die tijd was er sprake van bewoning. Daarvan getuigen de hunebedden, de diverse grafheuvels in de directe omgeving en de celtic fields,  de prehistorische raatvormige akkercomplexjes, die met luchtfotografie zichtbaar werden op de Zuidesch. Vanaf 1309 begint de geschreven geschiedenis van Annen in de vorm van een oorkonde met waszegels.
 
Op de overgang van zand naar veen en langs de karrenpaden over de Hondsrug was de locatie om te wonen buitengewoon gunstig. Er was ruimte genoeg voor akkerbouw (dat werden de essen); er waren groenlanden voor ’t vee richting Hunze; turf om te stoken, leem voor de huizen en de pottenbakkerij, ‘t holt ( “droog” hout, bv eik) voor gebinten en brandhout;’t wold (“nat” hout, bv wilg) zoals de wilgentenen voor manden en omheiningen; bos en strubben genoeg om ook de varkens te akeren (van eikels te voorzien).
Bemesting door menselijk en dierlijk afval en de introductie van de keerploeg maakte op die manier vanaf de zesde eeuw permanente bewoning mogelijk.
Men woonde in groepsverband waarbij naoberschap (burenhulp) hoog in ’t vaandel stond.
 De zo ontstane gemeenschap groeide uit tot een buur(t)schap (of kluft of gehucht) dat kon beschikken over een eigen grondgebied met eigen grond- en gedragsregels, het systeem van de boermarke.
Uit oude belastinglijsten heeft men kunnen berekenen hoeveel boerderijen of erven er in die ver verleden tijd in Annen gestaan moeten hebben .Voor het jaar 944 komt men op 13 boerderijen, in de tijd van onze oorkonde uit 1309 zijn er 17 erven en in 1612 inmiddels 23. Rond 1795 tellen we 55 panden in ons dorp en bij het eerste kadaster van 1832 staat de teller op 86. Langzaam blijft het dorp groeien: 180 rond 1905. Vanaf de jaren 60 in de vorige eeuw begint Annen in rap tempo uit te dijen, niet meer zo af en toe een nieuw huis erbij, maar planmatig, hele wijken in één keer. De teller springt op ruim 1400 "brievenbussen" anno nu. Het hunebedje D IX , eens aan de rand van de Noord Esch kwam daarbij geheel binnen de bebouwing te liggen. De komst van de rijksweg N 34 maakte dat het karakter van het dorp tevens veranderde van boerendorp in forenzendorp.
 
De nauwe samenhang met het landschap leidde tot een nederzettingspatroon van wat men een esdorp noemt. Kenmerkend zijn zo die schijnbaar willekeurige ligging van wegen (op natuurlijke wijze ontstaan door de koeien- en schapendriften), veel open plekken met gras of eikenbomen, de boerderijen -langgerekt en laag- van oudsher langs de randen van de brinken en langs de uitvalswegen, wat "slordig" langs de rooilijn, rond 't eigen erf bomen, fruitbomen en een moestuin, keien- en klinkerpaadjes, de zij- of achterbaander naar de weg gekeerd, schuren op het achtererf, stookhok vlak naast het woondeel. Allemaal in meer of mindere mate terug te vinden in het oudste en meest authentieke stukje van Annen: de driehoek van Kruisstraat, Schoolstraat, de Hoek en de Brink.
Langs de Annerstreek verschenen keuterijen, mogelijk ook hier en daar een plaggenhut.
Vanaf ong. 1850 ontstonden vooral aan de Wolden ook grotere boerderijen van het zogenoemde veenkoloniale type.
Zoals de meeste huizen van "notabelen" van rond 1900 kreeg ook het oude doktershuis op de hoek Kruisstraat/Brink een vorm die duidelijk afwijkt van de boerderijen rondom.
 
Toen de boerderijen een vaste plaats kregen, ontstonden vermoedelijk ook de brinken. Aanvankelijk aan de rand van bos en dorp. Brink betekent ook rand. Die rand bos leverde timmerhout, brandhout, beschutting en varkensvoer in de vorm van eikels. Elk erf had in de boomgordel een eigen deel, met een onderhoudsplicht. Een gedeelte van de dorpsrand was voor gemeenschappelijk gebruik: dat werd "de brink" genoemd. Daar werd ook een dobbe gegraven voor bluswater en voor drinkwater voor het vee. Deze dobbe is allang verdwenen. Op de brink blies men de boerhoorn om de gemeenschap bijeen te roepen voor overleg en natuurlijk in geval van nood, brand, storm enz. Men kwam dan bijeen onder de machtig grote “vergaderlinde”  die ooit de voorganger was van de jonge linde die nu voor de showroom van Stadman staat.
 
In die vroege tijden hadden de dorpelingen een soort gemeenschappelijke tuin voor de boerenkool, de erwtjes en de boontjes. Dat was op een omheind stukje goede vruchtbare grond, de Goorns geheten. Het is goed denkbaar dat in de tijd dat de Fransen het hier voor het zeggen hadden, dit tuincomplex in de officiële papieren jardin genoemd werd en dat dit later jordaan werd (net als bij de Jordaan in Amsterdam) en zo als bijnaam -wellicht op andere gronden gegeven- in gebruik bleef van het latere woongebiedje Wilgendijk/ de Goorns.
 
Het bos verdween in de loop der eeuwen en maakte plaats voor de "woeste gronden", waar de hei met de schapen te vinden was. Annen kwam steeds meer te midden van uitgestrekte heidevelden te liggen. Zandverstuivingen staken de kop op.
In de 19-e eeuw groeide Annen geleidelijk uit de brinkgordel. Met name aan de westkant kwamen er steeds meer nieuwe erven bij; aan de oostkant werd zand gegraven. Keien delven was een lucratieve handel.
Door de toenemende bebouwing rondom de brink ontstond de omsloten grasvlakte zoals we die nu kennen. Van oudsher is de brink eigendom geweest van de boermarke. Pas rond 1960 heeft de boermarke de brink voor een symbolisch bedrag overgedaan aan de gemeente.
Verschillende wegen doorkruisten de open ruimte en dat zorgde ervoor dat aan de brink de cafés verschenen. Vele generaties lang  stond er zo ook een horecabedrijf, onze beroemde "Woldhoek", op de hoek van de Spijkerboorsdijk met de Wolden, nu de plek van het appartementencomplex.
 
Drentsche Volksalmanakken uit de negentiende eeuw melden steeds drie veemarkten per jaar op de brink in Annen: in mei en in juli/aug een "beesten" jaarmarkt en eind oktober de varkensmarkt. Na de roerige Franse tijd, vanaf 1830, werden die jaarmarkten aangegrepen als gelegenheid tot feestvieren en werden ze gecombineerd met een kermis. In groter verband werd de Oostermoer tentoonstelling georganiseerd en het is waarschijnlijk juist dankzij die grote evenementen dat de brink van Annen z'n huidige vorm en grootte behouden heeft.
Tot 1920 zette men de korenmijten (zaodbulten) op. Menig balletje werd getrapt want op die grote grasmat kon prima een voetbalveld worden afgetekend. Ook nu nog is de brink volop in gebruik, van grasbaanraces tot Oostermoer, concours hippique en trekkertrek, van muziek en zang rond de koepel tot Sport & Spel in de Hemelvaartweek.
Ondanks dat de grote brink niet meer geografisch het middelpunt van het dorp is, is deze wel het centrale "kloppende hart" van ons dorp gebleven.
 
Nog altijd is de ligging van Annen uitermate gunstig: ingeklemd tussen het archeologisch reservaat Kniphorstbos/Strubben -opgenomen in het Nationale Landschap van de Drentsche Aa- in het westen en de prachtige Hunzevallei met zijn hernieuwde meanders in het oosten. Prachtige natuur rondom, op loopafstand. Een unieke situatie. We moeten dus heel zuinig zijn op dat schitterende landschap zo onmiddellijk om ons heen. Veel van het oude Annen is inmiddels al verdwenen. De brink is er gelukkig nog steeds. We moeten daarom ook heel zuinig blijven op alles wat Annen eens tot zo'n mooi karakteristiek esdorp gemaakt heeft.
                                                           Marianne Mulders-Zonneveld
                                                           Historische Vereniging Annen  

  Kijk  voor meer informaite op: www.annentoen.nl

Kijk ook eens bij onze buurdorpen

Anloo - www.anloo-info.nl
Eext - www.eextinfo.nl
Zuidlaren - www.zuidlaren.nl
Gasteren - www.ingasteren.nl